Waarom het energieverbruik van bitcoin zo ter discussie staat

Bitcoin roept veel meningen op, maar weinig onderwerpen zorgen voor zoveel discussie als het stroomverbruik. Critici noemen het verspilling op een schaal die vergelijkbaar is met dat van een heel land. Voorstanders zeggen juist dat dit verbruik het netwerk veilig houdt en dat de sector steeds groener wordt.

Om te begrijpen wie er gelijk heeft, moet je eerst weten waar al die energie eigenlijk naartoe gaat. In dit artikel lees je hoe mining werkt, hoeveel stroom ermee gemoeid is en welke ontwikkelingen er spelen om het verbruik duurzamer te maken.

Hoe bitcoinmining werkt

Bitcoin heeft geen bank of centrale partij die transacties controleert. In plaats daarvan verzamelen zogenoemde miners transacties in blokken en voegen die toe aan de blockchain. Om een blok te mogen toevoegen, moeten ze een rekenpuzzel oplossen. Dat systeem heet proof of work.

Die puzzel is in feite eindeloos gokken: computers proberen miljarden keren per seconde een getal te vinden dat aan een bepaalde voorwaarde voldoet. Wie als eerste slaagt, krijgt een beloning in nieuwe bitcoin plus de transactiekosten. Ongeveer elke tien minuten wordt zo een nieuw blok gevonden.

Waarom het zoveel stroom kost

De moeilijkheid van de puzzel past zich automatisch aan. Komen er meer miners bij, dan wordt de puzzel lastiger, zodat het tempo van ongeveer tien minuten per blok gelijk blijft. Meer rekenkracht levert het netwerk dus geen snellere transacties op, maar wel een hoger totaal energieverbruik.

Dat lijkt inefficiënt, maar het is precies de bedoeling. Omdat het zoveel rekenkracht en dus stroom kost om blokken te maken, is het voor een aanvaller extreem duur om de blockchain te manipuleren. Het energieverbruik is daarmee een soort beveiligingsmuur. De vraag is alleen of die muur de prijs waard is.

Hoeveel energie gaat erin om?

Exacte cijfers zijn lastig, omdat miners verspreid over de wereld werken en niet allemaal rapporteren wat ze verbruiken. Onderzoekers van de Universiteit van Cambridge schatten het jaarlijkse verbruik op ruwweg honderd tot ruim honderdvijftig terawattuur. Dat ligt in de orde van grootte van het totale elektriciteitsverbruik van een land als Nederland.

Het verbruik hangt sterk samen met de koers. Is bitcoin veel waard, dan loont het om meer machines aan te zetten, zelfs met duurdere stroom. Wil je zelf zien wat een miningbeloning of een bepaalde hoeveelheid bitcoin op dit moment in euro oplevert, dan kun je dat omrekenen via bitcoincalculator.nl. Zo krijg je een beter beeld van de financiële prikkel achter al die rekenkracht.

Daarnaast speelt de halvering een rol. Ongeveer elke vier jaar wordt de blokbeloning gehalveerd; sinds 2024 is die 3,125 bitcoin. Minder opbrengst per blok dwingt miners om zuiniger te werken of goedkopere energie te zoeken.

De kritiek op een rij

De bezwaren tegen bitcoinmining gaan verder dan alleen het aantal terawatturen. Tegenstanders wijzen op meerdere problemen:

  • Een deel van de stroom komt nog steeds uit fossiele bronnen zoals kolen en gas.
  • Miningmachines verouderen snel en leveren veel elektronisch afval op.
  • Grote miningbedrijven kunnen lokale stroomnetten zwaar belasten.
  • Het verbruik staat los van het aantal transacties, dus groei maakt het niet efficiënter per betaling.

Duurzame ontwikkelingen in de sector

Miners zoeken van nature de goedkoopste stroom, en dat is steeds vaker duurzame energie. Denk aan waterkracht in bergachtige gebieden of overtollige zonne- en windenergie die anders verloren zou gaan. Omdat miningmachines snel aan en uit kunnen, worden ze soms ingezet om pieken op het stroomnet op te vangen.

Er zijn ook creatievere toepassingen. Sommige bedrijven gebruiken gas dat bij olieboringen vrijkomt en anders zou worden afgefakkeld. Anderen benutten de restwarmte van miningmachines om kassen, zwembaden of woningen te verwarmen. Hoe groot het aandeel groene stroom precies is, blijft wel omstreden: cijfers uit de sector zelf liggen vaak hoger dan die van onafhankelijke onderzoekers.

Een andere route is het afstappen van proof of work. Ethereum stapte in 2022 over op proof of stake, waardoor het stroomverbruik van dat netwerk met meer dan 99 procent daalde. Voor bitcoin ligt zo’n overstap niet voor de hand, omdat de gemeenschap proof of work juist als kern van de veiligheid ziet.

Hoe je zelf naar de discussie kunt kijken

Of je het energieverbruik van bitcoin acceptabel vindt, hangt af van de waarde die je aan het netwerk toekent. Zie je bitcoin als een belangrijk alternatief voor traditioneel geld, dan vind je de energiekosten misschien te verdedigen. Zie je het vooral als speculatie, dan voelt hetzelfde verbruik al snel als verspilling.

Wat vaststaat, is dat het debat de sector in beweging heeft gezet. Druk van overheden, investeerders en het publiek duwt miners richting schonere energie en efficiëntere apparatuur. Hoe snel dat gaat en of het genoeg is, zal de komende jaren blijken. Wie de cijfers kritisch blijft volgen, kan daar straks zelf een goed onderbouwd oordeel over vellen.